Leiderschapsstijlen Blake & Mouton

Inhoudsopgave

In het leiderschapsmodel van Blake en Mouton worden de belangrijkste stuurvariabelen van een manager (de taakgerichtheid en de mensgerichtheid) gecombineerd en tegen elkaar afgezet. Waardoor vijf soorten leiderschapsstijlen ontstaan. Blake en Mouton verfijnen daarmee de X-Y Theorie van Mc-Gregor die stelt dat de manager of taakgericht of mensgericht is. 

 

1   Taakgericht of Mensgericht Leiderschap?

2   Vijf Leiderschapsstijlen van Blake & Mouton

a    Slecht leiderschap
b    Taakgerichte / Autoritaire leider
c    Country Club leiderschap
d    Balancerend leiderschap
e    Teamleiderschap 

3   Effectief Leiderschap

4   Andere Management- en Organisatiestromingen

a     Alle Organisatietheorieën op een rij
b     Sturingsfilosofie
c     Management- en Leiderschapsstijlen
d     De Manager 'In Conrtol'!
e     Organisatiestructuren van Mintzberg

 

1   Taakgericht of Mensgericht Leiderschap?

Blake en Mouton hebben een belangrijke bijdrage geleverd aan het zogenaamde Revisionisme. Het Revisionisme, een managementstroming, combineert de meer instrumentele sturing van Scientific management (1880-1930) met de mensgerichte sturing van Human Relations (1930-1960). Binnen het Revisionisme wordt de taakgerichtheid van het Scientific Management gekoppeld aan mensgerichtheid uit de Human Relations beweging. 

 
  • Taakgericht leiderschap; de manager die gelooft dat medewerkers van nature lui en ongemotiveerd zijn hanteren veelal een meer instruerende en vaak zelfs een autoritaire leiderschapsstijl. De manager geeft richtlijnen en instructies aan de medewerkers hoe zij hun werk moeten uitvoeren. En de manager controleert of de instructies zijn opgevolgd. In het model van Blake en Mouton komt dat overeen met de taakgerichte leiderschapsstijl.
 
  • Mensgericht leiderschap; in de human relations benadering staat de mensgerichte benadering centraal. De manager gaat ervan uit dat medewerkers van nature gemotiveerd zijn en staat zijn om zichzelf continu verder te ontwikkelen. De manager geeft medewerkers de ruimte voor eigen initiatief en creativiteit. Medewerkers worden bij mensgericht leiderschap aangestuurd door ze persoonlijke aandacht te geven, in te spelen op de individuele behoefte van medewerkers en door de groepsdynamiek te beïnvloeden. In het model van Blake en Mouton komt dat overeen met de Country club leiderschapsstijl. 

 

2   Vijf Leiderschapsstijlen van Blake & Mouton

De Managerial Grid van Blake en Mouton is een bekend model als het gaat om het typeren van verschillende leiderschapsstijlen. Het model bevat twee assen. Op de horizontale as wordt de taakgerichtheid van de manager weergegeven. Op de verticale as komt de aandacht van de manager voor de medewerker en haar omgeving tot uiting. Hoe hoger de score (van 1 tot en met 9) hoe meer aandacht de manager heeft voor respectievelijk de taak en/of de medewerker. Zo ontstaan 91 leiderschapsstijlen waar de 5 basis leiderschapsstijlen zijn afgeleid:  

 
  1. Slecht leiderschap (cel 1.1); de manager stuurt niet of nauwelijks op de taak en heeft geen aandacht voor de medewerker. Feitelijk is er geen sprake van leiderschap. De manager kent alleen een eigen belang en zal proberen om met minimale inzet zijn eigen belang veilig te stellen. Deze luie en onverschillige leider is niet geïnteresseerd in de medewerkers en zal er alles aan doen om verantwoordelijkheid en de medewerkers te ontlopen. Het moge duidelijk zijn dat slecht leiderschap leidt tot grote ontevredenheid binnen de organisatie en bij de medewerkers. De taak waarvoor de manager is aangesteld zal niet gerealiseerd worden.

 
  1. Taakgerichte / Autoritaire leider (cel 9.1); de manager stuurt alleen op de taken die moeten worden uitgevoerd en de doelen die moeten worden gehaald. De manager heeft geen oog voor de menselijke behoeften van de medewerker. Zijn wil is wet. De manager maakt gebruik van planningen, controles, richtlijnen, regels en instructies om zijn wil duidelijk te maken. Doordat de manager de behoeften van de medewerker negeert zal de betrokkenheid van de medewerkers laag zijn. Waardoor de manager de resultaten waarschijnlijk niet zal behalen. In (kortstondige) crisissituaties kan deze vorm van leidinggeven wel uitkomst bieden.

 
  1. Country Club leiderschap (cel 1.9); bij de country club stuurt de manager op goede relaties met de medewerkers. De manager wil dat medewerkers zich veilig voelen en het naar de zin hebben, geeft medewerkers de ruimte om zelfstandig beslissingen te nemen en biedt faciliteiten om zichzelf te ontwikkelen. Deze zogenaamde zachte leiderschapsstijl veronderstelt dat als het goed gaat met de medewerkers taken efficiënt en effectief door de medewerkers worden uitgevoerd. Het risico bestaat echter dat er vrijblijvendheid ontstaat die ten koste gaat van het resultaat of de taak die moet worden uitgevoerd.  

 
  1. Balancerend leiderschap (cel 5.5); hier maakt de manager elke keer een bewuste afweging tussen de (veronderstelde) tegengestelde belangen van de medewerker en de taken en doelstellingen die de organisatie moet realiseren. De manager schenkt aandacht aan de medewerker en haar omgeving totdat een minimale productie wordt gerealiseerd. De taken worden bij deze stijl van leidinggeven naar behoren uitgevoerd in een redelijk goede sfeer. Deze stijl van leidinggeven leidt tot voldoende en zelfs redelijk goede prestaties. Maar niet tot topprestaties.

 
  1. Teamleiderschap (cel 9.9); bij deze vorm van leidinggeven heeft de manager zowel veel aandacht voor de medewerkers als voor de taak die moet worden uitgevoerd. Dit doet de manager door veronderstelde belangentegenstelling van de medewerker en die van de organisatie met elkaar te verenigen. Door veel met de medewerkers in gesprek te gaan, de medewerkers te betrekken bij de taak die ze moeten uitvoeren en gezamenlijk doelen en prioriteiten te stellen ontstaat een sterke onderlinge band en resultaatgerichte cultuur die tot grote prestaties (kan) leiden.
 

Teamleiderschap is volgens Blake en Mouton de meest effectieve vorm van leiderschap. Teamleiderschap leidt tot een sterke motivatie om de organisatiedoelen te realiseren. Wat de basis vormt voor de beste resultaten. Deze stijl is dan ook het meest effectief gebleken. Wat overigens niet wil zeggen dat Teamleiderschap in alle situaties het meest effectief zal zijn. Zo ligt in crisissituaties of in het leger een meer taakgerichte sturing meer voor de hand.  

 

3   Effectief Leiderschap

Blake en Mouton stellen op basis van onderzoek dat managers succesvoller (effectiever) zijn als zij zich naast de taken die uitgevoerd moeten worden ook richten op de behoeften van de medewerkers en de sociale omgeving waarin zij werkzaam zijn. Blake en Mouton (1964) stellen dat effectief leiderschap een continue zoektocht is naar een balans tussen taakgerichte sturing en persoonlijke aandacht. 

 
  • Teamleiderschap; is volgens Blake en Mouton de meest effectieve vorm van leiderschap. Bij teamleiderschap integreert de manager de organisatiedoelstellingen met die van de medewerkers (het zogenaamde integratiebeginsel). Medewerkers zijn sterk gemotiveerd om de eigen doelstellingen (en daarmee ook die van de organisatie) te realiseren. Wat de basis vormt voor goede prestaties. Waarbij kaders en richtlijnen niet als beperkend worden ervaren maar als handvatten om het werk goed uit te voeren.     
 
  • Situationeel leiderschap; hoewel Blake en Mouton een voorkeur uitspreken voor Teamleiderschap erkennen zij dat de effectiviteit van een bepaalde stijl van leidinggeven ook afhankelijk is van het type organisatie. Zo stuur je in een crisissituatie medewerkers meer taakgericht aan. En worden hoogopgeleiden veelal meer bij het ontwerp van de taak betrokken dan bij laagopgeleiden het geval is. 
 

Met behulp van de Managerial Grid, het model van Blake en Mouton, kan je eenvoudig je voorkeursstijl als manager (laten) bepalen. Tevens krijg je inzicht in andere stijlen die je wellicht eigen kunt maken (of juist niet). Eén en ander afhankelijk van persoonlijke competenties en karaktertrekken. Het model geeft vaak ook een goede verklaring waarom managers er soms niet in slagen om veranderingen door te voeren. Zo zal een taakgerichte manager (cel 9.1) binnen een zelfsturende organisatie (cel 1.9) meer kwaad dan goed doen. En is de kans groot dat medewerkers die gewend zijn om 'strak' aangestuurd te worden in verwarring raken als in één keer een appel wordt gedaan op eigen initiatief, zelf reflecterend vermogen en intrinsieke motivatie. Met andere woorden; de leiderschapsstijl moet wel (tot bepaalde hoogte) passen bij de organisatie.

 

4   Andere Management- & Organisatiestromingen

In het vakgebied Organisatie & Management staan theorieën over de inrichting en aansturing van organisaties centraal. De vijf leiderschapsstijlen van Blake en Mouton vormen daar een klein (maar belangrijk) onderdeel van. Wil je meer weten over de inrichting en aansturing van organisaties en het model van Blake en Mouton kunnen interpreteren in een bredere context dan raad ik je aan om ook de volgende onderwerpen te raadplegen.  

 
  1. Alle Organisatietheorieën op een rij; in het vakgebied Organisatie & Management staan theorieën over de inrichting en aansturing van organisaties centraal. Op deze pagina worden de theorieën besproken die een grote bijdrage hebben geleverd aan het denken over de aansturing (managen) van organisaties. Denk aan theorieën als de motivatie-hygiënetheorie van Herzberg, de Systeemtheorie, de Human Relations benadering en de Lerende Organisatie.

 
  1. Sturingsfilosofie; een sturingsfilosofie is een verzameling van uitgangspunten die het bestuur of management hanteert om richting te geven aan de organisatie. Op deze pagina wordt duidelijk dat deze uitgangspunten, de zogenaamde sturingsbeginselen, betrekking hebben op de manier van managen, de organisatiecultuur en de inrichting van de organisatie. Gezamenlijk vormen deze uitgangspunten de basis voor het besturingsmodel van een organisatie.

 
  1. Management- en Leiderschapsstijlen; op deze pagina vind je een overzicht van alle leiderschapsstijlen. Elke stijl weerspiegelt de normen en waarden van een bepaalde periode. Van taakgericht leiderschap naar mensgericht leiderschap tot situationeel leiderschap. Waarbij theorieën van Blake & Mouton, Mc-Gregor, Hersey & Blanchard en Goleman centraal staan.

 
  1. De manager 'In Control'!; op deze pagina lees je wat organisatiebeheersing precies inhoudt. Verder wordt duidelijk dat het de taak van de manager is om een balans te vinden in meer mensgerichte- en instrumentele sturingsinstrumenten om richting te geven aan de organisatie, de processen en haar medewerkers. En kun je op deze pagina een gratis scan uitvoeren om te bepalen of jouw organisatie 'In Control' is.  

 
  1. Organisatiestructuren van Mintzberg; met zeven configuraties geeft Mintzberg antwoord op de vraag hoe organisaties zich organiseren. Mintzberg geeft een verklaring voor het ‘waarom’ van een bepaalde organisatiestructuur in een bepaalde situatie of bij bepaalde organisatie-eigenschappen. Daarmee gaf Mintzberg invulling aan de contingentiebenadering.

Deel House of Control via Social Media